Kalfsvlees met kappertjes
Voor 4 personen, 4 kalfsoesters van 125 gr per stuk
2 eieren losgeklopt
2 el olie
40 gr ongezouten boter
2,5 dl witte wijn
3 eetlepels kappertjes
2,5 dl kalfsvleesbouillon
citroensap
125 gr ongezouten boter
Sla de kalfsoesters plat tot 3 cm dikte (Een deegrol gaat wel aardig). Snijd ze in drie stukken en wentel ze door de bloem.
De losgeklopt eieren met 2 eetlepels water vermengen en de gebloemde kalfsoester er door heen wentelen (even laten uitlekken).
Verhit 2 eetlepels olijfolie in koekenpan en 40 gr boter en bak het kalfsvlees (niet alles in 1 keer!) in zo’n 4 minuten gaar. Leg de gebakken kalfsoester op keukenpapier, dek ze af en houd ze warm.
Giet de olie/boter uit de pan en voeg 2,5 dl witte wijn toe en 3 eetlepels kappertjes toe (kappertjes van te voren afspoelen en laten uitlekken). Dit 8 minuten laten koken tot de wijn bijna is verdwenen.
Voeg nu 2,5 dl kalfsvleesbouillon toe en kook 5 minuten tot het voor de helft is ingedikt. Voeg nu 1 eetlepel citroensap toe en de saus in een kleine steelpan overgieten. Klop hier 125 gr roomboter (in klontjes) doorheen, zonder dat de saus kookt.
Doe het kalfsvlees in de koekenpan, giet de saus eroverheen, dek de koekenpan af en laat 2 minuten rusten alvorens te serveren.

