Kalkoenrollade met spekjes, champignons en abrikozen
Ingrediënten:
200 g gedroogde abrikozen, 250 g champignons, 75 g boter, 4 eetlepels zonnebloemolie, 1 kalkoenrollade van ca 750 g, zout en peper, 2 takjes rozemarijn (of 2 theel. gedroogde of diepvries rozemarijn), 2 glazen (droge) witte wijn, 250 g spekblokjes, 500 g gesneden witte kool, 1 eetlepel komijn- of venkelzaadjes of 1 theel. komijnpoeder (djinten), 125 ml crème fraîche, 1/4 l versgeperst, gezeefd sinaasappelsap
Voorbereiden:
Wel de abrikozen enkele uren in water. Laat ze uitlekken. Snijd de schoongeborstelde champignons in plakjes.
Bereiden:
Verhit de boter en de zonnebloemolie in een braadpan. Braad de rollade snel rondom aan. Bestrooi het vlees met zout en peper. Leg de takjes rozemarijn bij het vlees en giet de wijn in de pan. Braad de rollade op een matige hittebron in ongeveer 50-60 minuten gaar. Draai het vlees tijden het braden regelmatig om.
Voeg na 30 minuten de abrikozen toe. Bak intussen in een koekepan de spekblokjes knapperig en lichtbruin. Schep ze uit de pan en bak in het achtergebleven vet de champignonsplakjes. Kook de witte kool met de komijnzaadjes in een bodempje water gedurende 15 minuten. Giet de kool, die beetgaar is, af en roer de creme fraîche erdoor. Neem de rollade uit de pan en laat deze even afgedekt met aluminiumfolie rusten. Verwijder de rozemarijntakjes. Snijd de rollade in plakjes en leg deze op een schaal. Giet het sinaasappelsap bij het braadvet en roer de aanbaksels los van de bodem. Giet de jus in een kom. Rangschik om de rolladeplakken de abrikozen, spekjes en champignons. Serveer de witte kool apart.
Bron: Boodschappen 12 – 2005
